
“Bitte”, zeg ik, “für dich!”
“Dank je wel”, begint een spraakwaterval in het Duits. “Wat leuk. Ik krijg nooit bloemen. Zoiets heb ik nog nooit meegemaakt. Hoe weet je eigenlijk dat ik Duits spreek?”
“Ik had net zo goed ‘please’ kunnen zeggen”, antwoord ik.
Dan gaat de spraakwaterval verder. Annemarie Schunn is toneelspeelster bij het Duitse Theater van Hermannstadt, de Duitse benaming voor Sibiu. Daarom moet ze zo overdreven articuleren, zegt ze. Ze is niet Roemeens, maar Duits van oorsprong, Saksisch. Overmorgen heeft ze premiere. Als ik dan nog in Sibiu ben moet ik komen kijken, vindt ze. Van harte uitgenodigd, maar ik weet nog niet of ik dan al verder gereisd ben.
Ze geeft me een peer en we nemen afscheid. Misschien tot woensdag bij de premiere. Ik ga verder naar de camping. Een stukje met de bus en nog een stukje lopend. Het laatste eindje snij ik af door een bos. Ik kom bij een sloot, neem een aanloop en spring eroverheen. Dat ging net goed, alleen jammer dat ik de eieren in mijn jaszak was vergeten.
Twee dagen later was ik toch bij de premiere. Waar het stuk over ging weet ik niet meer, maar de verhalen die ik op het feestje erna hoorde over de onderdrukking van de Duitse minderheid in het Roemenië van Ceausescu staan me nog helder voor de geest. Een paar jaar later kwam de eerste roman van Herta Müller in West-Berlijn uit bij Rotbuch Verlag. Ik was onmiddellijk gegrepen door haar schrijfstijl en door de thematiek. Goede keus om haar de Nobelprijs voor de Literatuur te geven.
Erik de Graaf
Geen opmerkingen:
Een reactie posten