dinsdag 7 september 2010

“Kijk, zie jij een PVV-minister?”

Ik heb vanmiddag maar flarden van het debat over de formatie in de Tweede Kamer gezien, maar duidelijk was dat de oppositie een hele andere inhoud aan het begrip regering geeft dan Verhagen en Wilders doen.

Het meest viel het op in de interrupties van Pechtold, Cohen en Halsema, die het CDA voortdurend verweten een regering te vormen met een onrechtstatelijke partij als de PVV. Verhagen ging daar nauwelijks op in, maar benadrukte voortdurend dat vanuit de (aanstaande) regering geen enkele opmerking zal komen waardoor gelovigen zich gediscrimineerd zullen voelen. Daarmee bedoelt hij niet dat Wilders keurig zijn mond zal houden, maar dat Wilders’ partij geen ministers levert en dus niet tot de regering behoort.

Het spraakverwarring zit hem in het begrip regering. Terwijl de oppositie het steeds over een regeringscoalitie van VVD, CDA en PVV (Cohen zei het net ook in De Wereld Draait Door) zien Verhagen en Wilders de rechtse coalitie als een regering van slechts VVD en CDA. De PVV gedoogt in die zienswijze het regeerakkoord, maar is in hun ogen géén onderdeel van de regering. Als Wilders ergens provoceert (en dat is onvermijdelijk, vrees ik) zullen Rutte en Verhagen om het hardst roepen dat de PVV niet in de regering zit. “Kijk maar, zie jij een PVV-minister?”

In het gedoogakkoord komt precies te staan waar de PVV het VVD-CDA-kabinet niet op zal laten vallen. Wat er gebeurt als er besluiten moeten vallen over niet-vastgelegde thema’s blijft de vraag. Daarom zullen we vermoedelijk een redelijk dichtgetimmerd akkoord krijgen, als de drie de formatie- en gedoogbesprekingen toch met “succes” kunnen afsluiten.

Erik de Graaf

maandag 6 september 2010

Zwaluwen D1 tegen Feyenoord

Op een woensdagmiddag in augustus 1967 speelde ik op negenjarige leeftijd mijn eerste voetbalwedstrijd. Voor een onderlinge trainingswedstrijd tegen Zwaluwen D11 was ik ingedeeld in D13. Ik werd voor het laatst in mijn leven als spits opgesteld, maar stootte wel onmiddellijk als rechtsback door naar Zwaluwen D7. 

Zwaluwen was indertijd een grote vereniging (D13 zegt al genoeg en de D’s bestonden nog gewoon uit elftallen) met een grote jongerenafdeling. Van D7 ging ik naar D2, het seizoen daarna naar D1. We hadden een goed team, dat altijd hoog ingedeeld was. Feyenoord, Sparta, SVV, Hermes DVS en Fortuna Vlaardingen, allemaal profclubs uit de regio, waren regelmatig onze tegenstander. Alleen tegen Excelsior heb ik volgens mij nooit gespeeld. 

De wedstrijden tegen de jeugd van de grote clubs waren altijd bijzonder. Inhouden deden we ons nooit, maar onwillekeurig liep je tegen Feyenoord of Sparta een stapje harder. Wie weet viel je op en werd je gevraagd om bij Feyenoord te komen voetballen. Allemaal waren we jaloers op Theo Juistenga toen hem dat in de C’s overkwam (overigens heb ik als voetballer nooit meer iets van hem gehoord). 

Ik vermoed dat het in 1970 was dat ik met Zwaluwen D1 op sportpark Varkenoord, vlak naast de Kuip, tegen Feyenoord D1 speelde. Langs het veld stonden cracks als Wim van Hanegem, Coen Moulijn en Wim Jansen, terwijl wij Zwaluwen als leeuwen vochten om het meestal betere Feyenoord partij te geven. Dat ging die keer verrassend goed. Als snelle, felle rechtsback speelde ik een puike wedstrijd. Ik hoopte al voorzichtig op een aanzoek toen ik de bal ver in de tweede helft bij een stand van 2-2 van grote afstand in de kruising het doel schoot. Van mijn eigen doel, wel te verstaan. Daar ging mijn carrière. 

Gisteren bestond Zwaluwen 75 jaar. Een week eerder werd in het clubgebouw een fototentoonstelling over Zwaluwen door de driekwart eeuw heen. In mijn eigen fotoalbum vond ik een elftalfoto van Zwaluwen D1 uit 1970. Of ze die er ook hadden hangen weet ik niet. 

Erik de Graaf

Zwaluwen D1 (1970) - staande v.l.n.r. Theo van Teylingen (mijn neef), Sjaak van Dijk, Sjaak Gogh, Sjaak Exalto, Peter de Vries, Erik de Graaf en Henk Kouwenhoven. Zittend v.l.n.r.: Bert Akihary, John Both, Fokko de Koning, Arnold van Zanten, Johan Reinhout en Ernest Kegel.

zaterdag 4 september 2010

Drie man gepasseerd...

Voor het eerst stond ik dit seizoen weer langs de kant van het veld. Mijn favoriete voetbalelftal, Warffum C1, speelde de eerste competitiewedstrijd van het seizoen. Tegenstanders waren de leeftijdgenoten van KRC, de Kantens-Rottum-Combinatie, uit twee dorpen die om demografische redenen logischerwijs geen eigen team kunnen vormen.

Door de zaterdagse boodschappen was ik de wedstrijd al vijf minuten bezig toen ik aan kwam kakken. “Waar was je nou, man?”, vroegen mijn collega vaste supporters. “Het is al 1-0, Joachim heeft gescoord”. Mooie seizoensstart met een zeldzaam doelpunt van mijn jongste zoon. Ik stelde me voor hoe hij drie tegenstanders passeerde om de bal vervolgens nonchalant over de keeper te lobben. Mijn collega supporters lieten me in die waan: “Kijk vanavond maar naar Studio Sport”.

Na 25 minuten maakte KRC gelijk. De 2-1 voor Warffum volgde kort voor rust door een afstandsschot van Nick. Leuke eerste helft met twee elftallen die aan elkaar gewaagd waren. Daar hou ik van. Ook na de pauze golfde het spelbeeld op en neer. Goede aanvallen van Warffum en snelle tegenstoten van de fysiek wat steviger tegenstanders. Halverwege de tweede helft kwam KRC op 2-2. Aan de kant van het veld verzoenden we ons al met één punt, maar in de allerlaatste seconde scoorde KRC de winnende treffer: 2-3. Tegen de verhouding in.

“Hoe maakte je dat doelpunt eigenlijk?”, vroeg ik thuisgekomen aan mijn zoon. “Oh, Garry passeerde drie man en legde hem panklaar voor. Ik kon hem onmogelijk missen”.

Erik de Graaf

vrijdag 3 september 2010

Wilders wilde de hele tijd al niet

Eindelijk is het dan zover. Wilders stapt uit het formatieproces. Minder tierend en furieus dan ik vooraf had verwacht, maar wel met de boodschap dat de mislukking van de formatie van een rechts kabinet aan anderen en niet aan hem is te wijten.

Dit is waar Wilders naar mijn stelligste overtuiging al tijden op uit was. Breken met de potentiële coalitiepartijen en vol verontwaardiging beschuldigend wijzen naar anderen. Niemand wil met mij. Ik ben groot en zij zijn klein… Als een omgekeerde Calimero.

Anders kan ik het niet verklaren dat Wilders in de afgelopen weken zo provocerend uit zijn rechtse hoek kwam, terwijl hij zijn gesprekspartners eigenlijk aan zich moest binden. Van “ik zeg wat ik zeg”via “Bleker is een zeurpiet” tot “en voor de duidelijkheid: de PVV moet helemaal niks”. En als hij zich van tijd tot tijd voor het hele Nederlandse volk zo onbehouwen uitspreekt kan ik me goed voorstellen dat hij ook in de beslotenheid van de formatiekamer provoceert dat “de coalitiepartners rood zullen kleuren” (mooi politiek beeld overigens!), zoals Ab Klink deze week in zijn niet altijd even handige brief openbaarde. Misschien niet zo letterlijk, zodat de andere aanwezigen de mogelijkheid zagen zich niet in Klinks woorden te herkennen, maar wel in intentie.

“Wil Wilders zelf wel?”Vorige week vroeg ik dat al af in mijn blog. Volgens mij zocht hij al tijden naar de ideale mogelijkheid om het formatieschip te verlaten. Dit was er een. Misschien niet de allergunstigste, maar wel een goede. Van zijn finest hour, een onverzoenlijke rede in New York vlak na het CDA-congres, zou het toch niet meer komen. Dan nu maar.

Erik de Graaf

donderdag 2 september 2010

Nijinski

Volgende week komt een nieuwe roman uit van Arthur Japin. Ik lees Japin graag, maar naar Vaslav ben ik extra benieuwd. De roman is gebaseerd op het dramatische leven van de Pools-Russische balltetdanser Vaslav Nijinski (spreek uit: Ni-zjin-ski). Zijn naam is onlosmakelijk verbonden met het Ballet Russes van Serge Diaghilev, de homosexuele minnaar van Nijinski, en het vernieuwende ballet op muziek van Stravinski en Debussy van rond 1910.

In 1919 kwam er al vroeg een einde aan de carrière van Vaslav Nijinski. Op ongeveer 30-jarige leeftijd (er is onduidelijkheid over Nijinski’s geboortedatum) werd schizofrenie bij hem vastgesteld. Tientallen jaren bracht hij door in klinieken tot hij op 8 april 1950 in Londen overleed. Hij werd in Engeland begraven, maar drie jaar later naar Parijs overgebracht, waar hij zijn grootste triomfen had gevierd.

In mei bezochten we Nijinski op de begraafplaats van Montmartre in Parijs, waar hij niet ver van Heinrich Heine en Adolphe Sax en vele andere cultuuriconen ligt begraven. Mijn zoon, danser in de dop, bracht op eigen wijze een eerbetoon.

Erik de Graaf

woensdag 1 september 2010

September 1941: joodse leerlingen van school af

1 september 1941 was een ingrijpende dag voor joden in Nederland. Op die dag werden joden van zes jaar en ouder verplicht een Davidster of jodenster te dragen. Op dezelfde eerste september 1941 kondigden de Duitsers af dat joodse leerlingen niet langer op niet-joodse scholen werden toegelaten. Joodse kinderen moesten op last van de nazi’s van niet-joodse kinderen gescheiden worden.

In de absentielijsten van de openbare lagere school in Warffum, “ingericht met het oog op de Leerplichtwet”, wordt de maatregel pijnlijk duidelijk in de kolom “tussentijdse in- en afschrijving” (afschrijving is de wrange term in dit geval). De negenjarige Philip Benninga is de eerste die volgens de alfabetische absentielijst werd uitgeschreven. Op de volgende pagina zijn Goltje (12) en Jozef (9) van der Hal aan de beurt, gevolgd door hun nichtje Roza (7).

De joodse leerlingen bleven overigens wel leerplichtig en reisden dagelijks met de trein van Warffum naar Groningen. Daar waren in de Prinsenstraat en aan het Zuiderdiep lagere scholen voor joodse kinderen gesticht. Oudere joodse leerlingen kregen les in de Violenstraat. Lang hebben de joodse leerlingen helaas niet meer op en neer naar Groningen hoeven reizen. Al in 1942 werden alle joodse inwoners van Warffum via Westerbork af vernietigingskampen in het oosten van Europa afgevoerd.

Erik de Graaf