donderdag 19 februari 2015

Beethoven op volle toeren


In 1979 was ik in het kader van mijn studie een weekje in München. Ik was te gast bij een zakenrelatie van mijn vader, die me aanvankelijk bevreemd aanstaarde toen hij me met mijn lange haren, mijn versleten spijkerbroek en mijn ouwe adidassen ontving. In de loop van de week kreeg hij toch wel schik in zijn “onverzorgde” gast uit Nederland, want ik bleek meer belangstelling voor Duitse cultuur en geschiedenis te hebben dan al zijn eigen verwende zoons bij elkaar (en hij had er een stuk of vier). Hij nam me mee naar musea, naar de zomerresidentie van het Beierse vorsten en naar het Hofbräuhaus (ook cultuur, maar voor mij vooral geschiedenis).

Toen ik thuiskwam met een kaartje voor Beethovens opera Fidelio in het Nationaltheater (een staanplaats op het hoogste balkon voor 4 mark) dacht mijn gastheer me ter voorbereiding een lesje in Duitse muziekgeschiedenis te leren. “Slechts één opera had Beethoven geschreven en maar liefst negen symfonieën”, doceerde hij. Uit de kast haalde hij zijn LP met de Negende om hem mij te laten horen. “Luister goed, dit wordt fantastisch”, beloofde hij en plaatste de naald vlak voor het vierde deel op het vinyl.

Na de eerste tonen keek ik hem lachend aan. “Zo snel heb ik Beethoven nog nooit horen spelen”, wilde ik zeggen, maar mijn gastheer staarde doodserieus genietend naar het plafond. Even twijfelde ik nog aan mezelf, maar al snel wist ik zeker dat de LP op 45 in plaats van op 33 toeren werd afgespeeld. Pas minuten later, bij de veel te snelle en te schelle Ode an die Freude werd het ook mijn gastheer duidelijk dat hier iets niet klopte. Beschaamd sloot hij zijn muziekles af.

Erik de Graaf

vrijdag 13 februari 2015

Warffumer in het bombardement op Dresden


Jan Puma werd in 1937 in Dresden geboren. Zijn vader uit Warffum, eveneens een Jan Puma, liep tijdens zijn militaire dienst in Assen een meisje uit Dresden tegen het lijf. Rosalie Dorn was rond 1920 samen met haar zus als dienstmeisje naar Nederland gekomen. Uit pure armoede. Na de Eerste Wereldoorlog heerste een grote werkloosheid in Duitsland. Rosalie vond werk bij het Warenhuis Postma in de Groningerstraat in Assen (zie foto hieronder).


Na een jaar of vijf keerde Rosalie terug naar Dresden, maar Jan Puma kon haar niet vergeten. Uit liefde reisde hij haar achterna. De banketbakker uit Warffum vond er werk bij een bouwbedrijf van een oom van Rosalie. Door alle bureaucratie kon het stel pas in 1936 trouwen in Dresden. Kort daarop werd hun zoon Jan geboren. Vader Puma kreeg een baan bij het spoor. Eerst als Silberputzer en slaapwagenconducteur van de Mitropa, de slaap- en restauratiewagens van de Reichsbahn. Later, toen de Mitropa in de oorlog behoorlijk inkromp, als stoker.


De Puma’s woonden in de Tweede Wereldoorlog net buiten het centrum van Dresden in het stadsdeel Löbtau. Luchtalarm was aan de orde van de dag. Bij loos alarm volgde er een EntwarnungVollalarm bij naderende geallieerde vliegtuigen. Zoon Jan maakte in de nacht van 13 op 14 februari 1945 als achtjarige jongen het bombardement op Dresden mee. In twee aanvalsgolven legden Britse en Amerikaanse vliegtuigen de stad in puin met vijfentwintigduizend doden als gevolg. Het bombardement staat hem precies 70 jaar later nog helder voor de geest. Na de eerste aanvalsgolf wilde vader Puma met vrouw en zoon naar oma, die een paar straten verder woonde. Buiten zag hij een heldere hemel met lichtkogels. Ze hadden hun huizenblok nog maar net verlaten toen een bom het pand met de grond gelijkmaakte. Boven het spoor zag Jan de ijzeren Falkenbrücke roodgloeiend van de hitte. Bij oma was alles in orde. Dakloos betrok het gezin uiteindelijk een kamer in het huis van een chef van moeder Puma. Daar bleven ze vier jaar wonen.

Na de Duitse capitulatie nam de Sovjetunie het gezag over in het oosten van Duitsland. In oktober 1949 ontstond onder de strenge leiding van Stalins Rusland de communistische Deutsche Demokratische Republik, de DDR. Vader Puma kreeg een opleiding tot metselaar. Zoon Jan leerde Russisch op de basisschool. In 1949 besloten de Puma’s naar Warffum terug te keren. Het leven in het naoorlogse Dresden was geen pretje. Armoe, schaarste en een hard regime van de sovjets. Bovendien had zoon Jan als nawee van een bijna fatale difterie uit de oorlogsjaren een gehoorprobleem, dat in de nieuwe socialistische maatschappij niet verholpen kon worden. In Nederland gelukkig wel. Met een gehoorapparaat kon Jan naar de lagere school in Warffum. Zonder Russische les. Hij sprak Gronings met een Duits accent. Als zijn klasgenootje plaagden dat hij doof was barstte Jan in huilen uit, omdat hij het woord „doof” op zijn Duits als dom begreep. Niet zelden werd hij voor mof uitgescholden. 

Erik de Graaf

dinsdag 27 januari 2015

Van Bellamy naar De Ruyter


Jacob Bellamy overleed in 1786 en werd maar 28 jaar. Vier jaar voor zijn dood publiceerde hij de gedichtenbundel Gezangen myner Jeugd, dat met een vooruitziende blik makkelijk ook zijn poëtisch testament had kunnen zijn. Een kort niet al te vrolijk leven met een jarenlange heimelijke liefde met zijn verboden Fransje, ook wel Fillis genoemd.

“’k Heb twee bronnen, die de voedsters
van mijn jeugdig leven zijn:
‘k Leef bij Fillis door de Liefde –
op mijn kamer door den wijn.”


Ik moest deze week aan de arme Bellamy denken doordat ondanks zijn korte leven in zijn geboortestad Vlissingen wel een park en een plein naar hem zijn genoemd. Aan het eind van het Bellamyplein staat aan de Schelde het standbeeld van een andere beroemde zoon van Vlissingen. Volgescheten door mijn favoriete vogel, de meeuw. Michiel Adriaanszoon de Ruyter, in zijn blauw geruite kiel. Zeeheld of zeerover, daarover lopen de meningen uiteen. 

Erik de Graaf

zaterdag 24 januari 2015

De winter van....


“Pa, je wordt oud”, zei de dochter toen haar vader op de eerste sneeuwwandeling sinds bijna twee jaar al na driehonderd meter over de winter van 1979 wilde vertellen. “Compleet ingesneeuwd en pas na drie dagen hadden ze in het westen eindelijk door. We barstten van de honger”.

Als je in Noord-Groningen op een mooie winterse dag met een laagje sneeuw willekeurige mensen aanspreekt over de winter van 1979 krijg je zoveel verhalen te horen dat je ’s avonds een boek kunt schrijven. Interessant idee. Wachten op de volgende sneeuwbui.

Erik de Graaf

zondag 18 januari 2015

Aardbevingspolitiek

 

“Fraaie” staaltjes aardbevingspolitiek van de regeringspartijen VVD en PvdA in het afgelopen weekend. Pff, beetje dom en doorzichtig. En Groningen voelt zich bedonderd.

Vrijdagvond openbaarde Tweede Kamerlid René Leegte in de telefoongesprek in de trein de VVD-partijlijn inzake aardbevingen. Vertragen, vertragen, tegen beter weten in extra onderzoeken of de bevingen te maken hebben met gaswinning en nog eens vertragen om toch nog zoveel mogelijk gas uit de Groninger bodem te winnen. Het vermoeden was al sterk, maar het is toch prettig het uit “onverdachte” bron te vernemen. Leegte verdient een standbeeld. Een sokkel is genoeg, leegte vult vanzelf.

Vandaag stemt het partijcongres van de PvdA over motie 66 “Gaswinning: veiligheid van Groningers voorop”. Tweede Kamerlid Jan Vos van de PvdA dacht afgelopen vrijdag tijdens een bezoek van Kamerleden aan Groningen de bevolking te paaien met de toezegging in Nieuwsuur dat de PvdA voortaan bereid is de gaskraan “indien nodig” verder terug te draaien. In de motie van vele afdelingen wordt de Tweede Kamerfractie van de PvdA opgeroepen “de veiligheid van de Groningers voorop te zetten, indien nodig door verdere vermindering van de gaswinning”. Het pre-advies van het PvdA-bestuur was "overnemen". Tja, “indien nodig”. Slim geformuleerd.

De provinciale VVD heeft woedend op de bekentenis van Leegte gereageerd. Er zijn tenslotte ook in Groningen binnenkort provinciale verkiezingen. Dat heeft PvdA’er Vos beter begrepen. Maar ja, dat “indien nodig” baart wel enige zorgen. Daar zullen we na de verkiezingen waarschijnlijk niets meer over horen.


Erik de Graaf

zondag 4 januari 2015

Wolk en Wad


Wolken en Wad zijn de enige overgebleven nog oorspronkelijke vormen van natuur in Nederland, las ik vanochtend in Het ontsnapte land van Geert Mak uit 1998. Reden om er verrekte zuinig op te zijn.

Vanaf Pieterburen fietste ik vanmiddag door de Linthorst Homanpolder naar het Wad. Op de dijk stond de dijkwachter me op te wachten. Dijkwachter noem ik hem altijd, maar in werkelijkheid heet de over de kwelders naar het eiland in de verte turende man de wadloper. Het wadlopen heeft de dijkbewaking in deze streek als bestaansmiddel overvleugeld.

De dijkwachter is de man met het mooiste uitzicht van het land. Over Wolk en Wad, onze twee overgeblevenen vormen van natuur. Volgens Mak. Veel andere kan ik ook niet bedenken. Ik nam plaats naast mijn dijkwachter en genoot een poosje met hem van het majestueuze vergezicht.

Erik de Graaf

PS: voor meer foto's kijkt u op GraafWerk..... foto's.